Poëziekring

De Poëziekring volgt de opzet van de oude traditie van leeskringen: het gedicht komt ter tafel, het wordt gelezen en dan volgt een moment van persoonlijke lezing, waarna de bespreking volgt. We zitten in een kring, de gedichten die ter tafel komen hebben gemeen dat ze 20e/21e -eeuws zijn, van dichters die een eigen idioom ontwikkeld hebben, en een taalgebruik waar muziek in zit. waarin uiteindelijk ‘het onbenoembare’ wordt aangeduid. De dichters die ter tafel komen wisselen, het zijn de pioniers die ons uitdagen zonder oordelen te luisteren en in gesprek te zijn.

Een dichter komt naar keuze van de gespreksleider ter tafel, en al naar gelang de respons na èèn keer,  of na intensieve omgang in een aantal bijeenkomsten besproken.

Het zijn fascinerende bijeenkomsten, waarin niemand zich schaamt om te zeggen wat hem of haar te binnen schiet. De kracht van het geheel is wel het volslagen pretentieloze karakter, doch wie wil of wie het gegeven is wordt gegund te excelleren in vrijmoedigheid.

De bijeenkomsten zijn in de Mennozaal. Één keer per maand op de tweede óf derde woensdag van 14.00 uur tot 15.30 uur. Gespreksleider is ds. Tjalling Kindt

Sinds voorjaar 2020 is er onder andere gelezen uit werk van:

Esther Naomi Perquin, Rutger Kopland, Gerrit Achterberg, Lucebert, Bernlef, Ida Gerhardt,
Claude van de Berge, Wisława Szymborska, Jacob Israël de Haan, Eva Gerlach
en de laatste tijd (opnieuw): Claude van de Berge (klik voor diens website).